vrijdag 11 oktober 2013

Zwarte Piet

Ik erger me mateloos aan de discussie over Zwarte Piet, die elk jaar lijkt toe te nemen. Ik heb zelf ook plaatjes gedeeld met leuzen als ‘als je over Zwarte Piet zeurt, schaf dan ook blanke vla en jodenkoeken af’ omdat ik zo kriegel werd van het gezeur over een, in mijn ogen, onschuldige traditie. Ik ben maar eens op onderzoek uitgegaan, zowel naar de herkomst van Zwarte Piet als waarom ik me zo erger aan die discussie, want ik ben wel tegen alle vormen van racisme.

Eigenlijk is er al vanaf de  introductie van Zwarte Piet onduidelijkheid over zijn rol:
“Zwarte Piet werd als Moorse knecht van Sinterklaas in 1850 door de onderwijzer Jan Schenkman geïntroduceerd in het boekje "Sint Nicolaas en zijn Knecht". In de eerste druk van het prentenboekje werd hij afgebeeld als een rustige gekleurde jongeman, gekleed als page, die niet op de voorgrond trad. Wat Schenkmans idee daarbij was zal wel nooit bekend worden, want hij heeft zich er niet over uitgelaten. Wel is het zo dat hij het publiceerde op het moment dat de tijdgeest aan het veranderen was; de slavernij stond onder druk of werd al afgeschaft. Schenkman heeft zich mogelijk laten inspireren door publicaties uit zijn tijd. Zo publiceerde Heinrich Hoffmann vijf jaar eerder Struwwelpeter, waarin een zwarte jongen door een figuur Nikolas, die uiterlijke overeenkomsten vertoont met Sinterklaas, beschermd wordt voor pesterijen van blanke kinderen. Een ander verhaal dat hem kan hebben beïnvloed, werd in het tijdschrift Timotheus gepubliceerd, en ging over een gewezen slavenbezitter, een edele en voorname oude man met witte haren, die zich op zijn ziekbed verzoent met zijn bediende, de zoon van een van zijn ex-slaven, en oproept tot afschaffing van de slavernij.” (bron: Wikipedia)

Er is vast veel meer over te researchen dan even makkelijk op Wiki kijken, maar feit is wel dat de Zwarte Pieten in beide voorbeelden een donkere huidskleur hebben en er een machtsverhouding bestaat tussen de blanke Sinterklaas en de zwarte Piet. In het laatste voorbeeld wordt Zwarte Piet door de blanke Sinterklaas beschermd tegen pesterijen van blanke kinderen, iets wat zich nu op grotere schaal herhaalt: binnen mijn netwerk stel ik vast dat het vooral blanken zijn die zich er enorm druk over maken - wat ik ook weer verwerpelijk vind, de superieure blanke die opkomt voor die arme zwarte mensjes. Het heeft een koloniaal bijsmaakje, kunnen we daar ook nog even een protestmars voor organiseren?

Hoe dan ook, het heeft teveel de schijn van racisme. De vergelijking met blanke vla en jodenkoeken, waar ik zelf notabene aan meegedaan heb, gaat niet op: beiden zijn slechts indirecte verwijzingen, terwijl de Zwarte Piet-traditie een rechtstreekse weergave of personificatie is van  een achterhaalde rolverdeling. Zeker als je bedenkt hoe actief Nederland was in de slavernij-tijd kan het echt niet meer. In het objectieve buitenland wordt onze traditie helemaal raar gevonden gezien onze achtergrond.

Dan blijft de vraag, waarom erger ik me dan zo mateloos aan die discussie?
De kritiek is dat kinderen door Sinterklaas en Zwarte Piet meteen al een foute boodschap meekrijgen – wat, van ons volwassenen uit bezien, natuurlijk waar is. Alleen, als kind associeerde ik Zwarte Piet helemaal niet met een neger maar met Sinterklaas, de roe, snoep. Zwarte Piet was gewoon Zwarte Piet en niks anders. Mijn schoen zetten, prachtige onbeholpen gedichtjes schrijven, had dat arme paard geen honger? Had ik me eigenlijk wel leuk gedragen het afgelopen jaar, of was ik soms ondeugend geweest (zelfreflectie kun je niet jong genoeg aanleren!)? Het was elke ochtend spannend, zat er wat in mijn schoen? Soms lagen er wat pepernoten door het huis, of zat er een fondanten kikkertje in mijn schoen, of, oooooh, een klein kadootje! Sinterklaas en Zwarte Piet waren een spannend mysterie, ze renden ’s nachts met die witte schimmel over de daken, het was net toverij, een sprookje , en die sprookjesfiguren waren in mijn huis geweest! Samengevat: kinderen zien wel kleuren, maar de lading erachter wordt meegegeven door volwassenen die al ‘gekleurd’ zijn in hun denken. Kinderen zijn volledig blanco. Kinderen interesseert het helemaal geen moer wat voor kleurtje iemand heeft, als -ie maar aardig is, wíj leren ze in vooroordelen te denken – ook door deze discussie.

Ook zijn er geluiden over de verwenfactor, kinderen zouden alleen maar leren krijgen. Ik kreeg door het jaar heen niet overdreven veel, ik werd niet verwend al was ik enig kind. Sinterklaas was voor mij een strenge maar rechtvaardige man: als je je goed had gedragen werd je daarvoor beloond, als je stout was geweest kreeg je dat te horen door een bestraffend gedichtje met een knipoog, en tóch een kadootje, want je zou het volgend jaar vast beter doen. Ik mocht Sinterklaas briefjes sturen met wat ik zo graag zou willen, en leerde daardoor al snel dat ik niet alles kreeg wat ik wilde. Soms mopperde hij zelfs over buitenproportionele verzoeken, waardoor ik ook leerde inschatten wat redelijk was om te wensen en wat niet. In plaats van de levende zeehond die ik zo graag op mijn kamer wilde, kreeg ik een pluche exemplaar. Ik was diep teleurgesteld en huilde tranen met tuiten, maar begreep na een goed gesprek met mijn ouders wel waarom een echte zeehond niet kon.

Door het jaar heen werd er ook niet overdreven veel gesnoept, maar op Sinterklaasavond stond er overal door het huis lekkers. Ik moest vragen of ik iets mocht pakken, en één Sinterklaasfeest was mijn vader dat voortdurende gevraag zo beu, dat hij antwoordde dat ik me de hele avond ongelimiteerd tegoed mocht doen. Ik ging me volledig te buiten aan al het heerlijks. ’s Avonds laat stond ik groen van misselijkheid bovenaan de trap te piepen dat ik moest overgeven. Zo leer je ook wat je grenzen zijn.

Mijn punt: zowel met betrekking tot Zwarte Piet als de verwenfactor geldt dat het de volwassenen zijn die er invulling aan geven, net als met religie. Ik had het geluk dat ik ouders had met een rijke fantasie en een verantwoordelijke houding ten aanzien van het Sinterklaasfeest. Het is niet de traditie die goed of slecht is (of de religie als we het er toch over hebben) maar mensen, wat zij ermee doen en welke betekenis ze eraan geven.

En daar zit ook meteen de bron van mijn ergernis. Eigenlijk ben ik diep in mijn hart Peter Pan die nooit groot wil worden, en ben ik woedend dat grote mensen iets wat aan kinderlijke fantasie en argeloosheid toebehoort, aan het politiek-correcten zijn. Sinterklaas en Zwarte Piet zijn sprookjesfiguren die bij een rijke, ongecompliceerde kindertijd horen, net als goeie feeën, en draken, en de Gebroeders Grimm. Daar mag je geen grotemensendiscussies over voeren, dat haalt alle magie weg. En daar hebben we al zo weinig van.

 
Update, een jaar later:
Inmiddels is Zwarte Piet zó gekleurd door het onverbloemd racisme wat in Nederland naar boven kwam, dat ik van harte hoop dat we een Roetpiet krijgen. Alles opgelost.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten